Interview: Mawut, Tet en Tut

 

In Gambella spreken we op vrijdagmiddag met de drie jongens die ons begeleiden tijdens ons verblijf in Gambella. Waar oprichter Manyang Reath Kher vanuit de VS werk verzet voor de organisatie, zijn Maiwud, Tet en Tut met z'n drieeën de drijvende kracht achter de lokale uitvoering van de projecten in Gambella. De jongens hebben het stuk voor stuk zelf goed voor elkaar. Ze hebben alledrie een opleiding kunnen afmaken. Maiwut werkt voor een lokaal uitzendbureau, Tet werkt voor NGO's in de vluchtelingenkampen in de buurt, hij studeerde psychologie. Tut heeft een eigen bedrijf dat sugercane verkoopt en is bezig met een auto-importeerbedrijfje. Met deze achtergrond kiezen ze er toch allemaal bewust voor dat ook zij moeten bijdragen aan hun gemeenschap. Dat ze iets moeten doen voor de mensen die het een stuk minder hebben dan zij, die misschien minder geluk hebben gehad. We spreken over HHS, over de positieve impact die NGO's volgens hen op de regio kunnen hebben en over het negatieve beeld dat veel Afrikanen omgekeerd ook over mensen uit het Westen hebben.

 

Een interview met Humanity Helping Sudan (Maiwut, Ted en Tut):

I Algemene Informatie

 

 

a. Kunt u kort de ontstaansgeschiedenis van uw project beschrijven?

 

Manyang is de oprichter van de organisatie. Hij was een van de zogenaamde Lost-Boys. In het begin van deze eeuw liet hij Zuid-Sudan als gevolg van de oorlog, en vluchtte naar de Verenigde Staten. Hij was toen 18 jaar oud. Om iets terug naar zijn volk te geven, begon hij de HHS-organisatie. De organisatie kreeg echt zijn definitieve vorm rond 2012. Op dat punt zijn we begonnen om mee te doen en de lokale werk te doen. Ik (Maiwut / M) kreeg in het eerste, ik wist Manyang een lange tijd voordat hij naar de Verenigde Staten. Tet en Tut joint niet veel later. We doen het grondwerk in Gambella meeste van de tijd. Manyang ons bezocht twee keer sinds het echte begin, in 2012 en in 2014. Deze bezoeken is wanneer het meeste werk gedaan kan worden. Manyang kan alles zien en beslissingen te nemen. Wij doen de voorbereidingen en de uitvoering van de beslissingen die we maken samen met Manyang.

 

Naast ons, zijn er weinig meer mensen die ons helpen hier in Gambella. De groep bestaat uit zeven personen in totaal. We zijn nog steeds heel kleinschalig in Gambella, niet iedereen kent ons nog niet. Maar we proberen om groter te worden, de hele tijd.

 

 

 

b. Wat is sindsdien de impact geweest van het project, op uw gemeenschap en de omgeving?

De impact van ons werk is nog kleinschalig. Kijk bijvoorbeeld noor het kippen-project. Kippen en eieren zijn duur hier in de regio. HHS geeft kippen aan een aantal gezinnen gegeven, waarmee ze in hun eigen levensonderhoud kunnen gaan voorzien. Als het goed is blijven de kippen een bron van inkomsten en dus leven voor die paar mensen. Met het geld dat de verkoop van eieren oplevert kunnen de kinderen van het gezin naar school. We proberen de mensen dus de middelen te geven waarmee ze zelf een bestaan kunnen opbouwen. Maar op kleine schaal.

De mensen die we helpen zijn daarbij altijd de mensen die het allerminste hebben. De mensen die eigenlijk geen bestaangronden meer hebben. Soms kennen we deze mensen uit de gemeenschap persoonlijk en soms introduceren ze elkaar. We overleggen dan onder elkaar wie er nu geholpen gaat worden. Manyang moet daarna ook nog geraadpleegd worden, want hij bepaald uiteindelijk wie en wat er gedaan worden.

 

Maar we zien dan meteen dat er meer nodig is. Wat betreft de kippen bijvoorbeeld. Er zijn roofvogels en honden die deze beesten weghalen, omdat ze vrij rondscharrelen rond het huis. We moeten dus eigenlijk ook kippenrennen aan die mensen kunnen geven. Alleen zo kan hun veestapel ook groeien.

 

In het begin ging het dus best snel, was de impact voor die mensen groot. Je wilt dan meer doen voor nog meer mensen. Maar het feit dat Manyang in de VS zit is niet altijd makkelijk. De communicatie is niet goed en gaat de boel niet zo snel meer. Een hoop mensen hebben niet meer precies wat ze nodig hebben. Dat is soms moeilijk om te zien.

 

 

 

c. Wat heeft u persoonlijk gemotiveerd om dit ontwikkelingsproject te beginnen?

 

Tet: we waren allemaal gemotiveerd om de community een stapje verder te helpen. Het is ten slotte onze eigen community. We willen de mensen voorzien in de dingen die wij zelf wel hebben: bestaansmogelijkheden, een opleiding, een baan. Ik zou zelfs stoppen met mijn eigen werk om altijd voor HHS te werken als dat mogelijk was. Maar ik moet natuurlijk ook leven.

Voor mij is het een persoonlijk ding. Ik en de jongens hebben een goede opleiding gehad, zitten relatief gezien in de bovenklasse in Gambella. Hier moeten we iets voor terugdoen. Ik zelf kan er goed aan toe zijn, maar de community moet er natuurlijk ook beter van worden. Dat gevoel hebben we alledrie heel sterk denk ik.

Maiwut: je ziet natuurlijk constant de mensen om je heen die er minder goed aan toe zijn. Die wil je helpen, we zijn samen één community. Maar niet alle mensen met een goed opleiding interesseert het wat er voor de rest aan de hand is. Het moet echt vanuit jezelf komen, vanuit je hart. Wat jullie met In2Afrika doen zit wel een beetje op hetzelfde level denk ik; helemaal vanuit Holland gekomen, om mensen hier te helpen. Dat laat zien dat het ook vanuit jezelf komt. Wat wij doen en wat jullie doen is niet zo verschillend. Het is verder kijken dan je eigen geluk.

Tut: Ik kwam er in 2014 bij, toen Manyang voor de tweede keer in Gambella was. De problemen die ik zag waren vooral financieel. Mensen hebben gewoon een kleine kans nodig: met kippen kun je eieren verkopen, dan verdien je wat geld, en kun je leven. Moeilijker is het niet! Neem ons landbouw-project. Onze grond hier is erg vruchtbaar! Geef de mensen dan de mogelijkheden om ermee aan de slag te gaan. Dat is soms alles dat er nodig is. Dat inzicht was mijn persoonlijke motivatie. Wel zie ik ook dat er een hoop mensen niet ambitieus genoeg zijn! Ze werken liever simpelweg bij de overheid, denken niet groot, zullen nooit eigen bedrijf beginnen. Terwijl mij dat juist zoveel gebracht heeft! Het is een mentaliteitsverschil en ook dat wil ik overbrengen bij HHS

 

 

 

d. Wat is, volgens u, het sterkste punt van het project?

 

Tet: Dat is het feit dat wij zelf uit de community komen die wij proberen een stap verder te helpen. Wij komen uit die community, wij weten echt wel wat er aan de hand is en wat er wel en niet nodig is. Wie kan de mensen beter helpen dan wij?

 

 

e. Wat is, volgens u, de grootste uitdaging/valkuil voor het project?

 

Tet: Een grote challenge van praktische aard is daarnaast dat er op dit moment is dat HHS office is. Dit zou een centrale plaats kunnen zijn waar wij enerzijds kunnen verzamelen en overleggen. Anderzijds kunnen de mensen die onze hulp nodig hebben dan naar een vaste plek komen, dan weten ze ons veel makkelijker te vinden! Dit heeft natuurlijk ook weer te maken met een volgende punt, want het andere grote probleem is budget. We willen zoveel doen, maar soms hebben we er de middelen niet voor.

Een ander ding dat nog moeilijk is, is de communicatie. Internet zou een goede manier zijn om met onze oprichter in de VS te communiceren, maar internet is erg schaars in Gambella. Bellen is bovendien erg duur. Doordat de communicatie met de VS soms moeilijk loopt, blijven wij hier in Gambella met vragen zitten. Hoe staat het met de financiën van onze organisatie? Is er geld voor nieuwe projecten? Zijn er naast Manyang nog meer mensen in de VS die invloed op onze organisatie hebben? Dit zijn voor ons belangrijke vragen!

 

 

 

 

 

II. Ontwikkelings(hulp) – Noord Zuid relaties

 

 

a. Wat is uw visie op sociale ontwikkeling?

 

Tut: het betekend voor ons verschillende dingen. Maar we houden ons idee vooral klein en simpel. Wanneer je mensen leert om te vissen, kunnen ze hiermee geld verdienen. Wanneer je ze de middelen geeft om kippen te houden, kunnen ze hier geld mee verdienen. Dit is voor ons development. Het zijn allemaal manieren om stapjes vooruit te komen in het leven. Ontwikkeling is het geven van een klein ding aan mensen om ze in de positie te zetten om daar zelf een groot ding van te maken.

Toen Manyang in 2014 kwam, had hij het over een school. Hij wilde een huis huren om daar een school in te beginnen. Ook dit is development. We geven kinderen onderwijs, waardoor ze verder kunnen komen. Ook een klein ding om een groot ding van te maken. Het kleine ding kan dus materieel zijn, maar het kan ook in de vorm van onderwijs gegeven worden.

 

Tet: development gaat voor ons allemaal over change, of dit nu op individueel- of communitybreed niveau is.

 

 

b. Er zijn veel Westerse organisaties die een ontwikkelingsproject beginnen in Afrika. Wat is uw algemene kijk op deze vorm van ontwikkelingssamenwerking?

 

Tet (werkt voor verschillende NGO's in Gambella): de NGO's werken hier niet echt hier in de gemeenschap van Gambella. Ze focussen zich vooral op de vluchtelingen in de kampen die rondom de stad liggen. ZOA werkte wel een tijdje in de community, maar ook zij focussen nu vooral op de vluchtelingen. Wat zij deden was bijvoorbeeld het opzetten van een centrum waar jeugd kon verzamelen en activteiten kon opzetten. Ook deden ze wat dingen aan forresting. Maar dat is er allemaal ook niet meer. Ze focussen zich vooral op de vluchtelingen.

 

Maar aandacht van kleinschalige opzetten uit het Westen is er haast niet. In2Afrika is absoluut een uitzondering. Grote organisaties focussen op de kampen, kleine organisaties zie je hier bijna niet komen.

 

Tut: Maar dat hoeft niet slecht te zijn! Dit geeft wel heel erg veel ruimte voor de mensen zelf om iets te doen. Bovendien geeft het werk dat de NGO's vanuit Gambella voor de vluchtelingen doen wel de mogelijkheid op een baan voor mensen uit Gambella! Indirect levert het dus toch iets op voor de mensen van Gambella. Maar voor Westerse organisaties is onze gemeenschap dus blijkbaar geen prioriteit. De meeste aandacht gaat uit naar de vluchtelingenkampen.

 

 

 

c. Wat zijn, volgens u, de grootste uitdagingen / valkuilen voor Westerse organisaties die in het buitenland aan ontwikkelingswerk willen doen?

 

Tut: Zoals ik al zei, soms creert het werk dat NGO's doen in de regio werk voor de mensen uit Gambella. Dat is natuurlijk geweldig! Maar vaak nemen ze ook mensen mee uit het Westen zelf. Dat creeërt dus helemaal geen mogelijkheden voor de mensen hier. Bovendien is het vaak zo dat, als ze mensen uit Ethiopië in dienst nemen, dit vaak de mensen uit Addis zijn, niet de mensen hier uit de community! Dat is natuurlijk slecht voor ons, het voegt in ieder geval niets toe! Waarom is iemand uit de hoofdstad meer bekwaam dan iemand hier uit de regio?

 

Maiwut: Grote punt is dus dat er wat ons betreft mensen van de lokale community moeten worden ingehuurd! Lokale mensen kunnen even goed werk doen als de mensen uit het Westen of de grote steden. Het heeft puur met ervaring te maken in je werk. Als je nooit die eerste kan krijgt, bouw je ook nooit ervaring op.

 

 

 

 

d. Wat zijn, volgens u, de grootste uitdagingen / valkuilen voor Afrikanen die hun eigen gemeenschappen willen ontwikkelen?

Als we onszelf vergelijken met Westerse organisaties, zijn het vooral de middelen die vaak ontbreken. Wij weten echt wel wat en waar we voor verbetering kunnn zorgen in Gambella. Maar de middelen zijn er gewoonweg niet. Dit zorgt soms dan ook weer voor grote teleurstellingen. Mensen raken gedemotiveerd, er zal toch niets veranderen. Voor dat soort gedachtes moeten we heel erg oppassen.

 

 

 

e. Stichting In2Afrika neemt de civil society als uitgangspunt, waarbij kleinschaligheid en lokale projecten de basis vormen. Wat is uw kijk op ons uitgangspunt?

 

Tut: We hebben het eerder al gehad over het lokale aspect van dingen. Wanneer lokale mensen zich commiteren, wanneer ze samenwerken, vormen ze een groep, en kunnen ze ook voor development zorgen. Vooral dat lokale aspect vinden wij dus heel erg belangrijl. In de buurt is er bijvoorbeeld een supermarkt. Hier kunnen de lokale mensen hun spullen verkopen. Het geeft de mensen dus een mogelijkheid om geld te verdienen. Wij denken wel dat het aspect van samenwerking erg belangrijk is daarbij! De mensen doen hier vaak samen. Verdelen een stuk land, verbouwen samen, vervoeren samen, verkopen samen. Zo komen ze meer vooruit dan alleen.

 

 

 

 

III. Beeldvorming omtrent Afrika

 

a. Wat is, volgens u, het overheersende beeld dat het Westen van Afrika heeft?

 

Maiwut: we zien soms mensen die uit het Westen hier naartoe komen en die hebben soms een positief en soms een heel negatief beeld van Afrika. Wij houden ons daar niet zoveel mee bezig denk ik, met imago of iets dergelijks.

 

Tet: er zijn wel behoorlijk wat Westerse investeerders die hier in Gambella investeren. Ze kopen een hoop land. Ik denk dat dit in de toekomst een hoop kansen biedt, voor de lokale mensen, en dat is belangrijkste.

 

 

 

b. Wat is uw mening over dit imago?

 

Maiwut: Mensen uit het westen denken soms wel dat wij in Afrika bepaalde zaken hier zelf allemaal niet kunnen. En dat is erg, want daat gaat nergens over.

Hoe dit komt? Dat is een hele goede vraag. Het komt misschien ook omdat de mensen gewoon heel verschillend zijn! Maar de Westerlingen die niet komen naar ons continent of dit land, die weten niks, en die blijven ook onwetend! Het maakt niet uit dat we verschillend zijn, maar deze mensen baseren hun negatieve beeld op niets. Dat is echt wat slecht is.

 

Tut: Hier in Afrika, zien we de mensen van het westen hierheen komen. Veel van deze Westerse mensen zien dat er veel fout gaat op ons continent. En dat slechte gedeelte krijgt dan de overhand in het imago, denk ik. Maar gelukkig ziet men wel ook dat het beter gaat. Jullie komen ons opzoeken, helemaal uit Nederland, ook andere mensen komen. Daar zit vooruitgang in, denk ik.

Maar Afrikanen kijken ook negatief naar mensen uit het Westen! Sommige mensen uit onze gemeenschap hebben een heel eenzijdig en negatief beeld van blanke mensen of Westerlingen, hoe je het noemen wilt. Ze worden keer op keer teleurgesteld, omdat ze directe veranderingen verwachten. Vanmiddag waren we met jullie bij de waterput. Toen kwam er een vrouw naar ons toe. Ze zei; 'er komen hier wel vaker mensen naar ons toe, om foto's te maken. Maar ze gaan weer weg en er gebeurd helemaal niks. Ik hoef niet meer op die foto's, er veranderd toch niets.' Ook onze mensen hebben op hun beurt dus soms niet echt een positief beeld van de Westerling.

 

 

 

c. Hoe moet dit imago veranderd worden?

 

Maiwut: Natuurlijk kunnen we dit veranderen! Maar het is belangrijk dat je personen kent. Ken zijn doelen, begrijp iemand. Pas dan kun jij jouw beeld ook veranderen.

Wanneer jullie terug gaan naar Nederland, kun je mensen vertellen hoe het hier is. Het gaat allemaal om begrip, om kennis, om informatie over hoe het hier echt is. Op dit moment hebben mensen allemaal een mening van elkaar, maar van een afstand.

 

Mensen van hier hebben zoals gezegd ook een heel slecht beeld van mensen uit het Westen. Ook van jullie. Je komt hier foto's maken, dingen vastleggen. Maar waarom veranderd er niks? Deze mensen kunnen niet wachten op de lange termijn. En dat zorgt ook voor onbegrip. Ook hun negatieve imago van mensen zoals jullie veranderd niet snel.

 

 

d. Wat doet het Humanity Helping Sudan-project eraan om een bepaald imago voor het project te creëren, en van het Afrikaans continent in het algemeen?

 

Puur onze hulp veranderd het imago al. Vooral voor de mensen hier, die geholpen worden door ons. Mensen weten dat Manyang in de VS zit. Door de hulp die ze krijgen, hebben zij een beter imago van het Westen. Maar het zorgt ook voor teleurstellingen soms, wanneer er niet of niet snel genoeg iets veranderd. Dat is erg moeilijk. Maar het lijkt er toch soms ook wel op dat deze mensen zich niet heel druk kunnen maken over het imago dat het continent heeft in het Westen. Niet dat het niet belangrijk is, maar het is voor hun geen prioriteit. Wat hebben wij aan imago? We moeten werk, mogelijkheden, kansen hebben!