Humanity Helping Sudan: een verslag

 

Gambella, de hoofdstad van de gelijknamige grensregio van Ethiopie en zuid-Sudan, is waarschijnlijk een van de meest afgelegen plekken waarnaar we ons op deze reis gaan begeven. Ook zal het een van de meest 'contested area's' zijn waar In2Afrika probeert een project te ondersteunen. De oorlog in zuid-Sudan tekent het leven en de omgeving van Gambella. Hoe dichter je met de bus bij de stad, en dus bij de grens in de buurt komt, hoe meer de auto's, borden en gebouwen van VN, USAID, UNICEF en Artsen Zonder Grenzen er te zien zijn.  

Gambella ligt hemelsbreed zo'n 80 kilometer van de zuid-Sudanese grens. Een dikke 30 kilometer buiten Gambella, 50km over de grens, bevinden zich de enorme vluchtelingenkampen die de mensenstromen vanuit zuid-Sudan proberen een onderkomen te bieden. De twee grootste kampen, Kule en Tierkede, herbergen respectievelijk 40.000 en 52.000 mensen. Daarnaast zijn er nog een aantal kleinere kampen. De grote NGO's proberen deze mensenstroom zo goed mogelijk op te vangen, maar de vluchtelingen trekken toch ook naar Gambella-stad. “We hebben geen last van ze, ze proberen hier alleen maar wat geld te verdienen of eten te verzamelen voor hun families in de kampen. Ze zijn Sudanees, maar ze zijn precies hetzelfde als de mensen die net aan de Ethiopische kant van de grens wonen”, zegt Tet, woonachtig in Gambella-stad en zelf werkzaam als psycho-sociaal werker in de kampen. Terwijl hij foto's laat zien van de onderkomens van de mensen in de kampen, vertelt hij over de verschrikkelijke dingen die sommige vluchtelingen hebben gezien, en de psychologische ondersteuning die zijn NGO biedt aan de mensen met een oorlogstrauma.

 

Tenmidden van alle oorlogsellende en de zwaargewicht-NGO's probeert een kleine organisatie in Gambella het leven van de onderkant van de lokale bevolking te ontwikkelen. Humanity Helping Sudan, opgericht door een man die zelf ooit deel uitmaakte van de 'Lost Boys' een groep zuid-Sudanezen, van huis en haard verdreven door de oorlog: Manyang Reath Kher. Manyang, die in Washington D.C. Woont en studeert wil met zijn organisatie de ontwikkeling van de Gambella-regio op gang brengen. Opererend vanuit de VS heeft hij een team van 3 man sterk die in Gambella on-the-ground de implementatie van het werk uitvoeren. Mawut(28), Tut(33) en Tet(28) ontvangen ons met groot enthousiasme en spreken graag over het werk dat ze doen. Zelf hebben de drie jongens een goede baan, respectievelijk bij een uitzendbureau, als zelfstandig ondernemer en als psycholoog.

 

Al snel leren we dat de kansen in dit deel van Ethiopie er wel zijn, maar ze zijn schaars en de weg naar succes is lang. Diegenen die goed kunnen presteren op de middelbare school hebben toegang tot de universiteit en kunnen daarna met wat geluk een baan vinden waarmee ze een gezin kunnen onderhouden. Al snel leren we echter dat deze weg vol valkuilen zit. “Alle kinderen die nu op straat lopen kunnen niet naar school, omdat hun ouders daar geen geld voor hebben” merkt Mawut op, terwijl we rond 12uur door een druk gevulde straat met kinderen en jongeren lopen. “Deze kinderen moeten werken voor hun gezin, en krijgen daarom bijna nooit de kans een goede opleiding te volgen. Je bent dus enorm gebonden aan je sociale situatie”. Humnity Helping Sudan richt zich op dat deel van de Gambellese bevolking dat zich onderaan de sociale ladder bevindt.

 

Vier verschillende hoofdprojecten vormen de basis van het werk van de organisatie. Ten eerste heeft HHS een aantal jongeren geselecteerd die mogen studeren op kosten van de organisatie. Op onze eerste dag bezoeken we in een buitenwijk van Gambella het tweede project, waar HHS de minst bedeelde gezinnen selecteert en ze een kleine hoeveelheid middelen toebedeeld waarmee men in hun levensonderhoud voorziet. Zo spreken we een vrouw die van HHS een aantal kippen heeft gekregen, waardoor ze van de opbrengst van de eieren haar kinderen naar school kan laten gaan. Een goed initiatief, maar als we doorvragen echter ook nog wat ondoordacht. Doordat de kippen niet omheind leven worden ze vaak gevangen door honden of roofvogels. Een volgend project is de 'garden'. Humanity Helping Sudan heeft voor een aantal lokale boeren een stuk land aangeschaft op de vruchtbare bedding van de Baro rivier die Gambella doorkruist. De organisatie betaald de pacht van de grond aan de overheid, en voorziet de boeren van landbouwgerei om het land te kunnen cultiveren. Wanneer we door Mawut en Tut naar de garden geleid worden, blijkt het een relatief klein stukje land te zijn, dat op dit moment bovendien leeg staat. Omdat men nu midden in het droge seizoen zit, en het planten pas in mei begint voor aanvang van het 3-maanden durende regenseizoen. Wanneer we doorvragen blijkt de steun van HHS naar ons inzicht bovendien relatief klein. Er werken slechts 5 boeren (met hhun gezinnen) op het land, en er worden relatief weinig gereedschap verstrekt. Dit is op zichzelf geen probleem, maar qua omvang hadden wij op voorhand een andere indruk gekregen van de projecten. Dit geld ook voor het derde project, de ondersteuning van de lokale visserij. De Baro-rivier die door Gambella loopt zit vol vis, en visserij zou potentieel dan ook een interessante industrie kunnen zijn. Humanity Helping Sudan heeft een aantal minderbedeelde leden van de lokale bevolking geselecteerd, en ze voorzien van middelen om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien door middel van visserij in de Baro-rivier. Wanneer we de vissers bezoeken blijkt het slechts om een groep van 7 vissers te gaan, die slechts 4 netten tot hun beschikking hebben gekregen. Hoewel het tweede visserij-project buiten Gambella dat HHS groter is, heeft ook hier de ondersteuning geen enorm grote omvang. In gesprek met de vissers (vertaald door onze vrienden) blijkt dat er ook volgens hen nog veel ruimte voor uitbreiding is, maar dat de middelen op zich laten wachten. Ook bij dit project haalt de realiteit onze verwachtingen dus enigszins in. Er zit in de projecten stuk voor stuk potentie, maar ze staan allemaal nog veel meer in de kinderschoenen dan de organisatie soms doet voorkomen.

 

Mawut, Tut en Tet zijn in Gambella naast hun werk constant bezig met de ondersteuning van de projecten van de organisatie, zonder dat ze daar iets aan overhouden. De mannen zijn sterk gemotiveerd om hun eigen gemeenschap vooruit te helpen. Dat de realiteit veel weerbarstiger is dan het ideaal van sociale ondersteuning, blijkt uit de verschillende gesprekken die we met de mannen hebben. Het begint in Gambella al met de communicatie. Ten eerste is de deze onderling niet optimaal, omdat de mannen geen kantoor hebben dat als vergaderruimte gebruikt kan worden. Overleg over ondersteuning vindt nu vaak thuis plaatst. Bovendien is er dus ook geen centraal punt waar mensen naartoe kunnen komen met behoeften, vragen en tips voor Humanity Helping Sudan. Ten slotte is ook de externe communicatie met de leiding in de VS een probleem. In Gambella is internettoegang schaars, en bellen naar Amerika is bijna niet te betalen. Een ander, voorzichtig, punt van kritiek dat de mannen uiten is dat de organisatie in Amerika erg weinig ter plekke is in Gambella, en dus niet met eigen ogen komt kijken waar de behoeften en de uitdagingen liggen. Wanneer de mannen echter vragen om financiële ondersteuning, voor de projecten, is deze erg moeilijk te verkrijgen. De processen binnen de organisatie lijken soms stroperig, en de mannen in Gambella hebben maar een heel beperkt idee van hoe de organisatie in Amerika eruit ziet, voor wie ze eigenlijk werken.

 

Er blijft toch iets wringen aan Humanity Helping Sudan. Oprichter Manyang lijkt in de VS veel gevolg te hebben, organiseert tal van activiteiten en zou daarmee een hoop van de grond moeten krijgen. De mannen in Gambella zijn op hun beurt erg gretig om werk voor de organisatie te verzetten. Bovendien lijkt er met bescheiden middelen een hoop verschil gemaakt te kunnen worden. Waarom deze twee kanten van de HHS-organisatie elkaar niet of maar moeizaam weten te vinden, is wat ons betreft de kernvraag. Voor In2Afrika is dit de volgende vraag die beantwoord moet worden, om het project goed te kunnen ondersteunen.